Hoe bereid je de tuin voor op hete zomers?

Door de droge en hete zomers van tegenwoordig gaan steeds meer hoveniers en moestuineigenaren op zoek naar oude en nieuwe vormen van irrigatie. De irrigatiekruik, een poreuze terracottakruik, is een goed voorbeeld van een eeuwenoude methode. Nieuwere mogelijkheden zijn bijvoorbeeld poreuze slangen en druppelirrigatiesystemen. Een andere optie is de hoeveelheid organische stof in de grond te verhogen zodat de bodem meer vocht vasthoudt.

Tekst: Rosanne de Boer

Sogo is één van de aanbieders van irrigatiekruiken. Dit bedrijf raadt aan om zijn zogeheten Olla kruik van 1,5 liter tot de nek in te graven tussen de planten en deze één of twee keer per week te vullen met water, afhankelijk van de temperatuur en de waterbehoefte van de planten. De plantenwortels groeien snel naar de kruik toe om er water aan te onttrekken. Deze geeft vanwege zijn poreusheid langzaam water af aan de grond er omheen. Dit gebeurt volgens Sogo alleen wanneer de grond droog is. “Als de grond vochtig is, blijft het water juist in de kruik”, zegt Sogo in een bijdrage van groothandelaar Tuinplus in deze editie van DeTuinMarkt. “Door de constant vochtige omgeving groeien de planten bovendien gelijkmatig door.” Sogo voegt hieraan toe dat hun kruiken zijn af te sluiten met een dop. Zo ga je vervuiling tegen en kunnen muggen er geen eitjes in leggen.

Bij andere aanbieders zien we dat kruiken soms met de hand zijn gemaakt. Dit om de juiste dosering van klei en zand voor de ideale poreusheid te verkrijgen. Hiervoor worden de kruiken op een lage temperatuur gebakken. Voor de optimale poreusheid sijpelt er altijd voldoende water door naar de wortels van de planten. Die wortels onttrekken alleen water aan de kruik wanneer ze dat nodig hebben. Hierdoor krijgt onkruid minder kans: aangezien het aardoppervlak veel droger is, krijgt onkruid nauwelijks kans te ontkiemen. Een waterkruik is zeer efficiënt en geeft altijd gepast water. Zo bespaar je al gauw 50 tot 70 procent in je watergebruik. Omdat je de aarde niet besproeit, krijg je ook veel minder slakken. Slakken houden namelijk niet van droge aarde. Waterkruiken zorgen ook voor een lossere bodemstructuur, waardoor de bodem meer zuurstof bevat. Ze kunnen ook water op grotere diepte brengen dan met druppelirrigatie mogelijk is. Het is handig de kruiken ‘s winters te verwijderen, want ze kunnen kapot vriezen.

Poriën
Er zijn nog verschillende andere mogelijkheden om de tuin in droge periodes van voldoende water te voorzien. Diverse aanbieders hebben bijvoorbeeld ook poreuze slangen ofwel druppelslangen die in een (moes)tuin gelegd kunnen worden. Dergelijke slangen kunnen zomaar 25 meter lang zijn. Ze verdelen het water via miljoenen microscopische poriën met behulp van duurzame buizen. Deze moeten bestand zijn tegen verstoppingen en barsten, en ook tegen wortels die naar binnen willen dringen. De buizen hebben een plastic binnenkern. Het Micro Irrigatiesysteem van Sogo werkt op basis van zwaartekracht. De waterzak lekt langzaam vocht dat van slangen naar de planten wordt gebracht. Er is geen elektriciteit voor nodig. Dit systeem voorkomt uitgedroogde zaailingen en planten tijdens bijvoorbeeld een lang weekend weg.

Spons
Door klimaatverandering krijgt Nederland te maken met langere periodes van droogte, maar ook met meer extreme buien. Als er veel regen tegelijk valt, heeft de tuin moeite al het water vast te houden en stroomt vruchtbare grond weg. De kunst is om van de bodem een spons te maken die regenwater snel opneemt en water in droge periodes langzaam loslaat. Dit kan door het organische stofgehalte te verhogen. Hiermee kun je werkelijk een enorm verschil realiseren. Verhoog je het organische stofgehalte in een tuin van honderd vierkante meter bijvoorbeeld van 2 naar slechts 6 procent, dan houdt deze zelfde grond maar liefst 6.800 liter meer vocht vast. Het verhogen van de hoeveelheid organisch materiaal in de bodem hoeft ook nog eens niet moeilijk te zijn. Het begint met het stoppen van het afvoeren van bladeren, gras, snoeiafval en ander organisch materiaal.

Humus
Organisch materiaal kun je gewoon op de grond tussen de planten leggen. Schimmels, bacteriën en ander bodemleven breken alles langzaam af en vormen het om tot luchtige humus. Die humus werkt niet alleen als een spons, maar zit ook vol bodemleven en voedingsstoffen voor je planten. Doordat je steeds een laagje nieuwe mulch aan de bovenkant toevoegt, is de grond zelf beschermd tegen de uitdrogende wind en directe impact van de zon. Elk soort organisch materiaal heeft voor- en nadelen. Het blad van inheemse planten en bomen verteert sneller, omdat inheemse schimmels en bacteriën daar beter op ingespeeld zijn. Maar eikenblad verzuurt de bodem juist. Grasmaaisel kun je uitstrooien tussen de planten en onder struiken. Let erop dat dit vaak natte spul kan luchten. Schimmels en wormen hebben ook lucht nodig. Houtsnippers kun je vaak gratis krijgen. Gemeentewerkers hebben soms partijen over. Maar houtsnippers verteren langzamer dan bladeren en maaisel. Stro en hooi verteren ook langzaam, want daar zit bijna geen vocht meer in. Mest van bijvoorbeeld paarden is prima om de bodem te verrijken. Koffieprut is ook goede bemesting. Als je koffieprut direct bij de planten legt, kun je deze zelfs te veel voedingsstoffen tegelijk geven. Verdeel de prut dus gelijkmatig, of gooi deze eerst op de composthoop.

Dakgoot afkoppelen
Om de grond tegen uitdroging te beschermen, kun je ook het water vanuit de dakgoot in de tuin laten vloeien, zodat het niet in het riool stroomt. Je moet dan wel luchtige, humusrijke grond hebben en geen vette, ondoordringbare klei of poederig zand. Ook hiervoor geldt: verhoog het organisch gehalte en de bodem wordt luchtiger. Komt er te veel water van het dak naar beneden via de regenpijpen? Sla het dan op in een regenton of andere bewaarbakken.

Deel dit bericht